Harderwijk om niet als 8e in de eindstand te eindigen. Ons Eerste maakte
het heel spannend, maar de missie van de Arnhemmers slaagde toch.
Evengoed eindigde Ons Eerste dit seizoen op een verdienstelijke derde
plaats in de Eerste Klasse B.
De eerste punten van de middag gingen naar Harderwijk. Op bord zes won
Jan Hendrik Kok van Rein Bergsma. In de opening gooide Jan Hendrik al
een aardig combinatievisje uit nadat hij gedurfd aanvalsveld 27 had
betreden. Wit mag niet het voor de hand liggende 37-32? spelen, want na
(17-22!) combineert zwart altijd naar 50, hoe wit ook slaat. Die vlieger
ging niet op en wit speelde tot de 24e zet logisch tegen de ietwat logge
aanvalsstand van zwart. 24.39-34 beter geweest dan het opspelen van de
belangrijke schijf op 49. Het ging daarna snel bergafwaarts met wit. Op
de 26e zet had zwart al een onoverzichtelijke dam kunnen nemen met
27-32. Waarschijnlijk enigszins geschrokken dat juist witspeler Bergsma
dat hij een dam kon nemen. Maar hij had de consequenties niet scherp
doorgerekend. Hij dacht de zwarte dam af te pakken maar was even
vergeten dat de zwarte dam doorslaat via 35×32 en hem daarna in
veiligheid brengt. Goed gezien van Jan Hendrik die snel zijn winstpunten
op het scorebord kon bijschrijven.
Arnhem had dus een paar geweldenaren meegenomen, en daar behoorde
voormalig NK-finalist Maarten Linssen zeker bij. Hij won aan bord 1 van
Fred Elgersma die zich niet onbetuigd liet en een Roozenburg-opstelling
op het bord bracht. Begrijpelijkerwijs koos Fred met wit voor 21.50-45
omdat de twee-om-twee naar veld zes (via 36-31 en 26-21) voordeliger
lijkt voor zwart, en omdat 21.39-34 wel erg gewaagd is (maar ook wit
enkele mooie combinatiemogelijkheden biedt). Het resulteerde echter wel
in een stelling waarin Linssen met zwart aan een mooie aanval kon
werken. Van echte druk op de zwarte voorpost is geen sprake. Fred ruilde
zo actief mogelijk de aanval van het bord, maar stond toch
ongemakkelijk. Zwart bemachtigde de velden 24 en 23, en kwam snel aan
zijn punten omdat wit een 3-om-2 toeliet.
Kon deze nederlaag min of meer ingecalculeerd worden, dat gold niet voor
het verlies van Ruurd Wuesman tegen Arnout Mossink. De laatste maakte
het de witspeler vanaf het begin lastig en speelde consequent met veel
formaties en een sterke korte vleugel tegen de witte stand met een verre
randschijf op 15. Ruurd had op de 39e zet eindelijk het centrum kunnen
pakken met 39.33-28, maar liet die kans voorbij gaan. Daarna wordt het
alleen maar moeilijker om nog op het centrum te komen. Zo verliest
40.38-32? (19-23), 41.33-28 behalve positioneel ook al vanwege meteen
41.26-31! met een slag naar 42 als resultaat. In nood gedreven ging
Ruurd op de 41e zet jammerlijk in de fout.
Bord 2 P. Arts – T. Eekelschot 2 – 0
Bekend openingstheorie hekstelling.
32-28 (18-22), 37-32 (12-18), 31-26 (7-12A), 36-31 (1-7B), 41-36
(20-25C).
A. Beter is (19-23) anders komt zwart in hekstelling terecht. 28×19
(14×23), 34-29 (23×34), 40×29 (7-12), 32-28 (1-7), 38-32 (10-14 of
20-24) etc.
B. (19-23), 28×19 (14×23) Wit neemt de hekstelling in 32-28 (23×32),
38×27 (1-7), 41-36 met voordeel wit.
C. (18-23), 34-29 (23×34), 40×29 (13-18) [niet 12-18? volgt
damcombinatie wit 28-23, 38-32, 29-24, 43×1] 44-40, (9-13), 40-34 etc.
19e zet wit 33-29 (23×34), 30×39. Wit had ook 44-40 kunnen doen. 45-40?
i.p.v. 33-29 is niet correct. Zwart kan dan 13-19! spelen en schijven op
veld 8 en 2 in het spel brengen. Zwart hoeft niet te vrezen voor 32-27
(16×27), 33-28 (22×33), 31×24 (12-18), 38×29 (23×45) daarna (4-9) en wit
staat slecht.
Zwart is uit de hekstelling maar gaat op de 41e zet de mist in met
(14-19?). Waarschijnlijk wel rekening gehouden dat wit de 2 om 2 ruil
doet maar niet gezien de aanval op schijf 23.
I.p.v. (14-19) was (2-8) goed. Wit doet dan 27-22 (17×28), 26×17
(16×27), 31×33 (7-12) etc.
Bord 3 J.W. Hoeve – M. Palmer 1 – 1
Zwart doet op 14e zet (16-21). Andere mogelijkheid is (10-14!). Doet wit
de 2 om 2 ruil 31-27 (22×31), 32-28 (23×32), 38×36 is zwart op tijd met
(14-20), 42-38 [met de ruil 29-24 zoals in de partij] (19-23).
Bord 4 J. Riesthuis – J. Ferwerda 1 – 1
Zwart doet op 9e zet (17-21?). Hier had zwart (15-20!) kunnen doen. Wit
staat niet fraai met de schijven op veld 27 en 29 in deze stand.
45e zet zwart (9-14?) Hier mist zwart het voordeel eruit te halen met
(16-21!), 36-31A (18-22), 31-27of? (22×31), 26×37 (13-18B), 30-25D
(9-13), 33-28E (21-26), 35-30 (24×35), 25-20 (18-22), 38-33 (22-27),
32×12 (23×41) ziet remise-achtig uit.
A. 33-28 (18-22), 38-33of? (22-27), 28-22of? (27×40), 22×11 [op 35×44
(17×28), 26×17 (24×35)] 40-44 (26×17) remise.
B. (17-22), 37-31 (13-18), 31-26C (22-27), 26×17 (9-13), 32×21 (18-22),
17×28 (23×43) remise.
C. 30-25? (9-13) [niet 21-26? volgt 25-20!, 20×29, 35×4] 35-30! (24×35),
31-26 (26×17), 28×30 (25×34), 19-24 met een schijf voordeel.
D. 37-31? (21-26!), 31-27of? (17-22) Z1+
E. 35-30 (24×35), 25-20 (19-24), 20×29 (35-40), 34×45 (23×34) met winst
zwart.
Zie ook analyses in toernooibase.
Bord 5 R. Wuestman – A. Mossink 0 – 2
40e zet wit 44-40 is goed want A (14-19) dreigt met 25-30 en moet een
schijf offeren Z1+
A. 29-24? (14-19) [op (14-20?) volgt 24-29!] 44-40 (19×30) en op 40-35
volgt zwart met (8-12) daarna (23-29) Z+
– 44-40 (19-23) Nu gaat wit de fout in met 40-35? Wit had 29-24! [dreigt
met 24-20, 37-31, 38-32, 33×2] (8-13), 47-41 [dreigt met 34-30] (23-28),
33×22 (18×27) etc.
Bord 7 K. de Jong – M. de Koning 2 – 0
48e zet doet zwart een gambiet (28-33?), 38×29 (27-32) maar mist later
één tempo om wit vast te zetten.
65e zet geeft zwart het op terwijl het nog remise is (zie analyse
toernooibase).
Bord 8 S. Neutel – A. Steensma 1 – 1
6e zet zwart (15-20). Voorkeur (14-20), 30-25 [anders gaat zwart 20-25
doen] (19-24), 25×14 (10×19).
Zwart 9e zet (4-10!?) en moet daarna naar veld 29. Beter is (20-24).
20e zet heeft zwart een aanvallende stand op het dambord. Ziet af van
(17-22) en doet berekent (29-34!?), 40×29 (23×34), 32×23 (19×28) [dreigt
met (14-20)], 30-24of? (18-23), 39×30 (14-20), 25×14 (9×29), 31-27
(13-19)en nu doet wit op zijn 27e zet te vroeg het logische (27-21?A).
Zwart bevrijdt zich uit deze moeilijke stand via (12-18), 21×12 (18-22).
A. 38-32! zwart is beperkt in zijn zetten. (28-33!B), 27-21! (5-10),
37-31D (10-14), 31-27 zwart moet secuur zijn schijf 33 gaan verdedigen
maar wit heeft de beste kansen.
B. (3-8) of (5-10). Wit volgt dan met 27-22! (28-33C) 22-18 dreigt 30-24
met schijf winst.
C. (29-33?), 43-38 of 22-28 W+
D. 49-44? damcombinatie zwart (12-18), 21×12 (33-39), 44×22 (7×49) Z+








