Welkome winst tegen OG Utrecht

Na twee nederlagen tegen sterke teams stond op 13 december de wedstrijd tegen Ons Genoegen uit Utrecht op het programma, een tegenstander met enkele goede spelers maar ook met ‘kansborden’ voor Ons Eerste. Na een spannende strijd wisten de Harderwijkers te winnen en mag het team de rest van het seizoen vrij spelend zien of ze nog in de top drie terecht kunnen komen.Joras Ferwerda speelde tegen 1300+ speler Alfons Ottink een gecontroleerde partij. Met wit neutraliseerde hij het aanvalletje van zwart geroutineerd en hield zijn oog op een gezonde schijvenverdeling samen met een krachtige formatie. Op de 33e zet ging Ottink een extra
ruil niet uit de weg en richtte zich op beheersing van veld 24 en een langzaam maar zekere centrumbezetting. In dat licht bezien was 38.14-19 geen een echte winstpoging. Joras stuurde zijn troepen richting 24 en viel aan zonder vrees voor verlies van twee schijven. Nog voor wit op dam zou komen werd de vrede al getekend. Een opbouw met 38.13-19 was steviger geweest, met de belangrijke variant: 39.43-39 1-7 40.39-34? 7-12! (Daarom beter: 40.33-28.)

Zeer rustig verliep de partij tussen Kees de Jong en Auke Zijlstra. Met de ruil 44.33-29×28 leek wit het starre zwarte centrum alsnog in de greep te krijgen. Maar de volgende formatie van zwart kwam er al weer aan, en neutraliseerde daarmee de witte ambities. Zwart hield het hoofd ook in de slotstand koel, en na 52.23-29 (staat nog niet in Toernooibase) werd ook deze partij remise (zwart ‘plakt’ op de volgende zet).

Belangrijk voor de einduitslag was de winst van Fred Elgersma tegen Peter Kolkman. Na het wat passieve 12.31-27 van Kolkman ging zwart verrassend verder met 12.21-26. Actief omsingelende acties met 5-10 en 18-22 waren ook mogelijk geweest. Fred zocht later wel volop strijd met 23.16-21, en ging zelfs een gevaarlijk ogende Partie Bonnard niet uit de
weg met 21.16-21. Wit had op twee momenten sterk 42-37 kunnen spelen: op zet 36 en 37. In het eerste geval zit 28-23 er aan te komen, omdat 36.12-18? dan niet gaat vanwege een dam op 4. Ook 37.42-37 was sterk geweest. Dan gaat het antwoord 37.18-23? niet vanwege de spectaculaire combinatie met 37-31, 47-41 en dan 32-27. Maar wit zag het niet en kwam meteen in het nauw: alsnog het wurgende 18-23 toelaten zou funest zijn. Daarom nam wit een wanhoopscombinatie die volstrekt onvoldoende was (door de zwarte vang na 7-11). Hij gaf al snel op.

De overwinning van Fred bleek des te meer van belang omdat Jan Hendrik Kok onder tijdsdruk op een vernietigende combinatie stuitte tegen Ardjoen Sheoratan. Na het strategisch zwaar voor de hand liggende 35.21-27? had zwart te laat door dat hij het slachtoffer was geworden van een rasechte Coup Napoleon, waarna hij op kon geven.
Witspeler Sheoratan had op de 10e zet met 35-30 al gedurfd – maar toch onverantwoord? – gekozen voor de volle strijd in een Partie Bonnard. (10.38-33? ging niet door de combinatie 16-21 en dan eerst 25-30! en vervolgens schijfwinst met 18-23. Wit had wel een alternatief gehad in 10.36-31 en zwart mag dan geen 10.1-6? spelen vanwege dam: 24-19 xx, 27-22 en na 37-31 dam op 1. Na 10.36-31 17-21 11.31-26 1-6 xxx 7-11 staat zwart zeker goed.)
Als 11e zet 40-35 hoort in principe niet bij de witte plannen. Maar wit besloot er toch toe omdat 11.39-33? zeker niet mag: 13-19 en 23-28!! enz. In de partij wist Jan Hendrik uit de zee van goede mogelijkheden inderdaad tot groot voordeel te komen. Hij wist er een ‘open Bonnard’ van te maken na 19.18-22! Dit is doorgaans zeer gevaarlijk voor wit. Toch kon zwart niet doordrukken. 23.17-22 was voor Jan Hendrik een zware keuze die veel tijd kostte. Het alternatief 23.18-22 kan wel, maar dan moet eerst berekend worden dat de foute doorbraak via 28-23? echt wint (wat na lange varianten inderdaad zo blijkt te zijn). Ook de antwoorden
24.48-43 en 43.36-31 blijven dan zeer kansrijk voor zwart. Maar met spannend spel.
Dit alles valt nauwelijks beslissend te berekenen. In de partij krabbelde wit na 23.17-22 langzaam maar zeker weer op. 27.21-27 was de zet om de spanningen te handhaven (de opbouw 27.8-12 en 28.12-18 is ook mogelijk maar ook dan ruilt wit zich deels vrij met 29-23). In de partij komt wit tot bevredigend centrumspel en is het voordeel voor zwart verdwenen. Jan Hendrik maakte, moegestreden, niet veel later de fatale fout.

Ook spannend was de partij tussen Auke Steensma en Gerard Morsink die met zwart een gezonde en grootscheepse aanval wist op te zetten. Met wit speelde Auke compact tegen, en probeerde te counteren en subtiel te profiteren van de zetdwang in de opbouw bij zwart. Zo kan zwart niet zomaar 40.14-20 spelen omdat dan de ruil 34-29 xxxx 20-25 48-42! zwart voor grote opbouwproblemen plaatst. Na de partijzet 40.11-16 volgde dezelfde ruil. De zwarte aanvalszet 46.22-28 is logisch, maar wit op zijn beurt heeft aan de andere kant van het bord aanvallend zeer goede papieren tegen de zwarte lange vleugel. 48.17-22 lijkt meer verdediging
te geven, maar na 40.30-24! (14-19) xx 26-21 (28-32) 38-33 is het wit die gaat winnen. Ook in de partij kon zwart de witte doorloop naar dam niet verhinderen en boekte Auke weer een belangrijke overwinning voor Ons Eerste.

Evenzo belangrijk was de winst van Ton Eekelschot op Hensley Nepomuceno. De partij begon erg ruilerig (belangrijke tip: 3.34.30!). Toch werd het snel spannend door vleugelcontrole van wit en een sterk centrum van zwart. De opbouw van wit met 39.33-28 ziet er shaky uit waar 39.32-28xx28 stabieler is. Zwart had in plaats van 39.14-20 een alternatief gehad in 39.15-20 (op 40.38-33 volgt dan een zevenklapper naar dam: 19-24, 17-22!, 13-19, 18×49, en inderdaad winst!). Ook in andere varianten heeft zwart dan het initiatief. In de partij was lang sprake van evenwicht waarbij zwart via het kerkhofveld de vrije ruimte
zocht. Na 50.37-31 echter durfde zwart geen 21-26 te spelen waarna hij alsnog in de verdrukking kwam en na 51.13-18 in een beslissende opsluiting verzeild raakte. 51.20-24 was nog wel goed genoeg voor remise geweest maar dan had hij wel na 52.27-22 heel koelbloedig moeten offeren met 21-27 (en vervolgens doorlopen).

De acht punten waren daarmee een feit, dus in ieder geval één wedstrijdpunt. Het beslissende winstpunt liet nog even op zich wachten. Ruurd Wuestman speelde met zwart tegen de sterke Arne van Mourik goed op het centrum, maar moest wel op z’n tellen passen. Na 13.34-30 (met eenvoudige dreiging) speelde Ruurd 15-20 waarna de controle over 24 enige tijd op zich laat wachten. Alternatief: 13.14-20. Een opvallende beslissing was 18.16-21: een zet die wel bij Ruurd past, maar dan meer tegen wat zwakkere tegenstanders. Hier was 18.19-23 een belangrijk alternatief geweest, met verder doorontwikkeling van de lange vleugel.
Bijbehorend slimmigheidje is dat wit niet kan ruilen met 34-29×30, en dat na 38-32 een twee-om-twee terug prima is. Een spannend gelijkwaardig duel ontspon zich, waarbij zwart 22.22-28xxxx achterwege liet. Die zet ziet er qua timing goed uit omdat wit (voorlopig) achtergebleven schijven op 41 en 7 lijkt te hebben. Maar 38-33 is dan wel een sterke omsingelende zet. In de partij liep het prima. De terugruil van wit op de 32e zet (31-27xx37) geeft aan dat Ruurd het tot dan toe goed had opgebouwd. Op de 35e zet speelde Ruurd
wel gedurfd (en goed) helemaal naar voren via 23-28xxxx Hier was 35.17-22 ook goed mogelijk + wat voorzichtiger geweest. Maar na 42.8-12? lijken de rollen pas echt helemaal omgedraaid omdat wit na de achterloop en opvang heel sterk 45.27-21! speelt. Nu is goed te zien dat 6 en 11 ongelukkig gepositioneerd staan. (Met 42.11-17 had zwart zich veel lastige varianten kunnen besparen.) In de partij had zwart weinig verweer tegen de doorloop-acties van wit. De schijf verlies was ernstig, maar na het slimme en rustige 49.13-18 (in plaats van 49.24-29) lijkt zwart door het centrum genoeg tegenwicht voor remise te hebben door allerlei slimme wegen richting dam. Al met al: een interessante en leerzame partij, die helaas wel verkeerd afliep.

Gelukkig kwam het winnende punt dan toch nog, en wel uit de koker van Jan Willem Hoeve tegen Cock van Wijk. De spelers gingen er vol in met een variant op de de Keller-opening. Daarbij leek wit als ‘winnaar’ uit de strijd te komen, maar echt doordrukken deed Van Wijk niet (terugruil: 19.31-27xx37). Een belangrijke beslissing was 30.12-18 waar hij met 30.13-18 misschien wat meer controle op de korte vleugel had gehouden. Hoe dan ook kwam wit weldegelijk tot initiatief. Zwart had er beter aan gedaan om de indringer op 17 met 40.8-12 meteen af te ruilen, en daarna weer rustig de formaties te herstellen voor tegenacties. In de partij kwam de witspeler gevaarlijk opzetten, maar leed met 46.38-33 belangrijk tempoverlies. Hier had doorgaan met doorbreken kansen gegeven: wat kan zwart nog doen na 46.27-21 om wit te stoppen? In de partij liep het met een sisser af, zeker na 49.43-39. Hier was 49.33-28 aanmerkelijk lastiger geweest voor zwart.

Al met al weer veel interessante partijen waarbij de Harderwijkers terecht als sterkere ploeg met de winst naar huis mochten gaan plus een goede vierde plaats op de ranglijst.

Kleine nederlaag tegen DIOS/Eureka

Na de ontmoeting in de vierde ronde tegen het sterke Heijmans ontmoette
Ons Eerste thuis het sterke DIOS/Eureka dat haar thuisbasis heeft in
Hoensbroek en Treebeek. Gelukkig speelden de Harderwijkers thuis en
konden ze uitgerust achter de borden beginnen. Het werd een spannend
treffen.

Het scoreverloop begon rooskleurig. Kees de Jong wist de ervaren Theo
Schippers te verrassen. Dat gebeurde in een vrij rustige klassieke
partij waarbij zwartspeler Schippers aanvankelijk wat makkelijker op het
centrum leek te staan. Tussen zet 22 en 26 bouwde de zwartspeler niet
helemaal harmonieus op. 22.12-18 (beter was het flexibele 22.17-21) en
zeker 26.17-21 waren licht verdacht. Dat toonde de witspeler knap aan
met de verrassende uitval naar het kerkhofveld: 27.27-22×22! De clou van
deze zet is dat wit slim dreigt met de meerslag-actie 32-27 (ook als
zwart er eerst achterloopt met 12-18, waarna wit opvangt met 37-31, en
hetzelfde speelt). Zwart was behoorlijk van slag, want na 28.4-9 is er
nog een probleem: dan combineert wit na eerst 22-17 en daarna 37-31 naar
veld 7. Een goede oplossing was toch geweest: 28.12-18 en na opvangen
30.3-9 (op 30.4-9 staat de zwarte lange vleugel zwaar onder druk).
Moeilijk te vinden, en daarom besloot zwart tot 29.24-29. Maar dit bleek
geen oplossing. Kees maakte korte metten met de zwarte stand, en won
combinatief overtuigend.

Een tweede goede uitslag volgde. Ruurd Wuestman speelde remise tegen de
sterke Brion Koullen. De partij verliep lang volgens strakke klassieke
structuren. Wits plan leek geslaagd om die structuren met 30.39-34
definitief te (laten) verbreken. Maar het zwarte ‘valse hekje’ stond
best goed omdat de schijven op de lange vleugel van zwart verder
allemaal al goed waren ontwikkeld. Ruurd had zelfs flink van zich af
kunnen bijten als hij na de verrassend geplaatste Ghestem doorstoot van
wit (37.28-22) heel alert direct met de dubbele ruil 24-30xxxx29 had
gereageerd. De witte lange vleugel staat gedrongen, terwijl zwart
speelvrijheid heeft op dit van hem. Maar veel aan te tonen valt er niet.
In de partij volgde de dubbele ruil 24-30xxxx29 alsnog. De witte reactie
41.40-35 is pover en 43.36-31? waarschijnlijk zelfs verloren. Het zwarte
offertje met 43.19-23 was heel creatief, maar een mooie variant was
geweest: 43.20-24! en dan op de ruil 37-32×41 heel sterk: 29-34 en na
41-37 25-30!! met een dodelijke doorbraakdreiging, en na 38-33 12-18! en
24-29! In de partij werd het ruim remise, wat ook prima was.

Auke Steensma boekte een fantastisch resultaat door Olga Kamychleeva
(meervoudig NL kampioene en ook eenmalig wereldkampioene bij de vrouwen)
op remise te houden. Met zwart wist Auke goed de weg te vinden in zijn
favoriete randspel. De creatieve grote ruil op de 26e zet verschafte
zwart weer lucht. Maar Kamychleeva kwam wel tot initiatief, ook na het
op zich attente 32.25-30 van zwart. Rond de 45e zet lijkt de witte stand
optimaal, maar zwart rechtte zijn rug met het moedig gespeelde 48.18-23.
Daarbij maakte hij handig gebruik van de plakkers na 33-29. Ondanks dat
zwart niet op tijd op 24 kwam om de boel te controleren, beschikte zwart
toch over voldoende combinatieve mogelijkheden en de mooie flexibele zet
8-12 voor het geval wit 53.38-33 zou hebben geprobeerd.

De eerste ietwat teleurstellende score was de remise van Egbert van
Hattem tegen Jasper Kole. Zoals thuis al eens bekeken kwam er een
hekstelling op het bord. De eerste zet die Egbert die middag zelf
bedacht was 14.8-12, met het duidelijke doel de opbouw van wit te
storen. De reactie 15.31-26 had Egbert niet verwacht. De druk op het het
zwakke punt 33 lijkt na de ruil naar 22 immers groot. Maar wit had goed
gezien dat hij zich met het ietwat verrassende 17.32-27 kon bevrijden.
(14.5-10 was dus beter geweest.) Zwart moest zich dus instellen op een
heel andere partij. Hoewel zijn lange vleugel niet ideaal staat, is de
witte stand op zijn lange vleugel wat achtergebleven: een dynamisch
evenwicht. Dat was het gebleven als zwart op de 34e zet attent 2-8 had
gespeeld om zijn lange vleugel te verstevigen. Maar omdat hij die nu net
eindelijk helemaal ontwikkeld had, onderkende hij de gevaren te laat. Na
9-13 en 14-19 speelde wit sterk 25-20. Zwart dacht dat hij wel stevig
zou staan op 24 na de ruil 23-29? die volgde. Maar het was maar goed dat
wit niet op het idee kwam om 39-34 te spelen (en na 18-23, 37-32 en
daarna offeren om 24 aan te vallen). Ook 39.2-8 was niet de beste (17-22
wel). De stand (na 2-8) en het offertje met 35-30 en daarna doorlopen
met 25-20 leek Egbert wel goed te doen: terugofferen met 19-24 en daarna
13-19. Maar dan was 39-34 toch kansrijk voor wit geweest, ondanks de
tussenloopmogelijkheid met 35-40 van zwart. Gelukkig speelde wit 33-28.
Met nauwkeurig spel haalde zwart het punt vervolgens binnen.

Helaas verloor René Schaafsma vervolgens van Tom Swelsen. Na 10.31-26?!
kreeg zwart een aanval in de schoot geworpen van René. Swelsen bouwde
dat in het vervolg knap uit. Rond zet 33 was het voor wit niet meer zo
eenvoudig om nog van de zwarte voorpost af te komen. Misschien had de
witte schijf op 42 via 38 naar de andere bordhelft gedirigeerd kunnen
worden voor nog wat meer tegenspel. Toch kwam zwart in de partij niet
tot een beslissende aanval, maar wit moest dan wel alles goed doen. De
ruil 49.29-24 was te passief waar 39-34 nauwkeurig was geweest. Zwart
speelde de partij daarna winnend uit, al was 52.38-32 nog wel mogelijk
geweest voor een benauwde remise (beter voor zwart daarom: 51.8-12).

Melvin Koullen en Fred Elgersma speelden een partij waarbij zwart een
flankaanval inzette die eerst niet zo krachtig oogde. In het vervolg
kampte Fred met een zware korte vleugel, terwijl de stand aan de andere
kant uitdunde. Wit had positioneel sterk kunnen doorgaan met 42.43-38 en
daarna terugruilen met 37-32. Dan blijft de zwarte korte vleugel echt
achter. Na 42.33-29 heeft zwart juist een aangenaam aanknopingspunt aan
37 om zijn stand daar alsnog te ontwikkelen. 45.6-11 was een belangrijk
alternatief voor zwart om nog wat meer kracht te ontwikkelen tegen de
lange vleugel van wit (door schijf 6 snel mee te laten doen). In de
partij gebruikte zwart hetzelfde basisidee, maar hij had pech dat zwart
net voldoende tegenspel in het centrum kon ontwikkelen voor remise.

Met nog twee partijen te gaan waren nog twee punten nodig voor een
gelijkspel. Dat gebeurde helaas niet. Tegen Mark Werrebrouck kwam Ton
Eekelschot met wit tot een licht initiatief. Een idee was geweest om op
zet 49 met 39-34-29 te werken en daarna de aanval verder door te zetten.
Ook in de partij kwam er een goede kans, maar dan had wit 53.38-32!
moeten spelen. Na 14-20 lijkt het dan snel afgelopen (34-29! (20-25),
29×20 (25×14), 33-29!). En ook de moeilijke variant 53.18-23, 34-30
23-29, 28-22 xx zit er heel aardig uit voor wit. Hoe dan ook: lastig te
zien. Na 37-32 nam zwart de kans te baat om met een offertje door te
breken naar dam voor remise.

Jan Hendrik Kok liep tegen een zeldzame nederlaag aan tegen Rudi Claes.
Jan Hendrik zette de partij ambitieus op wat op de 14e zet resulteerde
in een geladen stelling. Zwart had met 14.17-21 de lont helemaal in het
kruitvat kunnen steken maar had dan wel 33-28 moeten toestaan, met
moeilijk te beoordelen spel. Ook de opstoot 14.28-23 ziet er
aanlokkelijk uit, maar wit kan ondanks de dreigingen goed verder met
15.38-32, met kansen voor beiden.
In de partij ontstond na 14.17-22 een Roozenburg-opstelling. Het is
altijd lastig te beoordelen wanneer 33-28 het best gespeeld kan worden.
Hiertoe besloot Jan Hendrik op zet 20. Daar wachten met 20.47-41 lijkt
onlogisch omdat dan na 33-28 de aanvulling met 38-33 niet kan vanwege
dam op 47. Toch kwam wit niet tot een doorslaande aanval op 23, en
daarmee langzaam in de verdediging. Dit vooral omdat de witte korte
vleugel niet goed ontwikkeld kan worden nadat de aanval is afgeslagen.
Op de 35 zet had zwart nog met 10-14 en een zet later 22-27 de witte
druk tot ruilen naar het centrum kunnen bemoeilijken. In de partij kwam
wit tot bevredigend spel, en 45.29-23 was zeker een logisch vervolg
geweest. In de partij nam Jan Hendrik na de ijzersterk gespeelde
tussenloop 46.27-32! de doorbraak met 24-19 (28-23 is verrassend genoeg
te gevaarlijk), maar zag te laat dat zwart in het vervolg een (goed
verborgen) damvangstelling had. Daarom was 46.24-20 wel goed geweest
(dan verdwijnt schijf 15 immers) voor remise.

Op de 70e zet ging wit na 14-41 bij het indrukken ging door zijn vlag:
tijd 0:00:00. Zwart mocht in die stand geen 15-20? doen want dan maakt
wit remise door 41-36. Maar daar kwam het dus niet van. Eindstand 7-9,
en Ons Eerste mag zich opmaken voor een strijd in de middenmoot in de
Eerste Klasse B.

Verlies in Rosmalen, na late aankomst.

De uitwedstrijd in de vierde ronde tegen het sterke Heijmans Excelsior
uit Rosmalen begon rommelig voor Ons Eerste. Eén auto kwam te laat
vanwege een file. Terwijl vier DCH’ers al begonnen waren kwamen de
anderen achter het bord met 13 minuten minder op de klok.

Desalniettemin kwam Ons Eerste goed uit de startblokken Jan Hendrik Kok
wist de sterke Peter Wijn te verschalken met fris centrumspel in
combinatie met veel controle op de korte vleugel. Jan Hendrik had na
zijn 28e zet 13-19 al berekend dat 29.36-31? foutief zou zijn. (35-30
was de aangewezen zet.) Hij vervolgde ijzersterk met (8-13!). In de
partij kwam de schijfwinst er netjes uitrollen, enkele zetten later na
(2-8!). Mooi rekenwerk weer!

Ook daarna ging het nog goed. Auke Steensma was in de opening meteen
goed wakker tegen Adri Vermeulen, want hij mocht op de negende zet niet
tussenlopen met 9.25-20. Er volgt dan een zetje: (24-29!), 33×24
(19×30), 35×24 (18-22), 27×29 (13-19), 24×13 (15×35) Z1+ Toch had de
zwartspeler de hele partij verreweg het makkelijkste van het spel omdat
Auke er niet goed in slaagde het centrum te bereiken. Wits 31e zet 49-44
– bedoeld om met een formatie te kunnen gaan werken – leverde de nodige
beperkingen in de opbouw op. 31.40-35 had meer ruimte gegeven om te
manoeuvreren. Zwart nestelde zich daardoor in de partij ook nog eens
stevig op 35. Maar Vermeulen maakte het niet af. In plaats van vol
dadendrang te ruilen met 33.23-28 was het rustige 33.14-20 beter
geweest. In de partij ruilde wit zich vrij en haalde de remise binnen.

In het gevorderde middenspel kreeg Jan Willem Hoeve een lesje in de
Ghestem-doorstoot die tegenstander Mari van Ballegooijen op de 34e zet
plaatste met 34.28-22. De reactie 34.1-7 was niet handig van zwart omdat
hij dan nooit meer de witte indringer kan afruilen. Op de andere
bordrand pakte de witspeler vervolgens de controle (met 37.34-30×30). In
de partij wint wit instructief: zwart loopt zich vast na 38.23-29? Ook
40.7-11 had waarschijnlijk niet de verlossing gebracht omdat wit de
standen in elkaar laat lopen en als laatste speelzetten altijd
47-41-36-31 heeft. Na 40.9-14 gooide wit er nog een combinatie in om het
af te maken.

Op bord acht was René van Oosterhout duidelijk de betere tegen Ton
Eekelschot. De opening van wit was niet goed en Ton liet zich daarna
wegdrukken door aanvallend spel van zwart. Een beter idee lijkt om op de
11e zet de korte vleugelopsluiting in te nemen met 31-27. Na 24.38-33
nam zwart de ijzersterkte opstoot met 22-28, en wit slaagde er niet meer
in om tot goed tegenspel te komen. Na het betere 24.48-43 kan wit werken
met de opstoot 34-29×29 en zwart kan niet zomaar opstoten.

Henry Offenga speelde een gedurfde Keller met wit tegen Frank Teer. Op
de 11e zet is 40-35 voor wit beter (in plaats van 11.42-37). Maar deze
opening moet je goed kennen zoals de variant (na 11.40-35): (21-27),
42-37! (20-25), 44-40 en nu kan (14-20?) niet door het bekende zetje
24-19. Daarom: (11-16), 24-20 (15×24), 29×20 en nu mag zwart niet:
10-15? of 13-19? spelen en ook 7-11 (en daarna 2-7) zijn geen gelukkige
voortzettingen. Daarom is 6-11 de aangewezen zet.
Enfin. In de partij koos Henry eieren voor zijn geld en ruilde op de 17e
zet terug. Frank Teer plaatse met 33.23-28! (32×23), 19×28 een
uitstekende centrumaanval. Henry liet zien over vechtersmentaliteit te
beschikken en bleef na 51.21-27 zo lang mogelijk in de strijd (51.13-19
is wel winnend). Verrassend genoeg is het na 54.18-23 toch remise
vanwege plakkers. Alleen met de grootmeesterzet 54.14-20 was winst
waarschijnlijk wel mogelijk geweest.

Dat we dit jaar in een sterke eerste klasse spelen, was ook te zien aan
de spetterende partij tussen Kees de Jong en Karen van Lith, de
voormalige wereldkampioen bij de vrouwen die het dammen weer heeft
opgepakt. Zij en Kees speelden een moedige partij. Bij de eerste de
beste gelegenheid nam Van Lith met zwart het aanvalsveld 27 in, ook al
was later 18-22 nodig om de aanval te ondersteunen. Uiteindelijk
ontstond een principiële partij waarbij zowel zwart als wit randvelden
bezette. De echte strijd speelde zich eerst af op de andere kant van het
bord rondom het veld 24. Maar toen wit naar het centrum ging, zette Van
Lith met zwart een grootscheepse omsingeling in (7-11 xx). Die zette ze
(te?) ver door, door haar lange vleugel op te sluiten. De witte opbouw
met 32-28 en 37-32 is riskant omdat zwart sterk op komt zetten met
33.26-21! en wit daarom bijna wel 49-44 moet doen. Met 39.12-17! zet
zwart de kroon op haar werk en is goed te zien dat de omsingeling
geslaagd is. Van Lith bekroonde de prachtige partij in stijl.

Joras Ferwerda speelde rustig tegen de nog altijd sterke Ad de Hoon, die
ook op Toernooibase graag zijn deskundige varianten plaatst. Na een
terugruiltje teveel kwam witspeler De Hoon toch flink in de aanval. Na
51.39-34 herpakte Joras zich en vond hij met nauwkeurig spel de toch nog
ruime remise.

Daarmee waren de punten verrassend genoeg allemaal gepakt in de auto die
met vertraging de speelzaal had bereikt.

Ook verre randschijven waren te vinden in de partij tussen Andrew Tjong
A Ong en Fred Elgersma. Met 13.8-12 zocht Fred, geheel in stijl, het
avontuur op. Het werd een mooie partij waarbij wit een flankaanval
startte. De wilde zet 29.22-27 was misschien ingegeven door de stand op
de andere borden. Goed alternatief lijkt 29.7-11, maar 29.14-20? was
fout geweest door de dam: 24-19, 29-23, 38-32 en 37-31. Andrew
ontwikkelde de witte aanval in de partij fraai door: alle schijven
kregen een rol. 44.13-18 lijkt te passief. Mooi om te zien hoe wit het
afmaakte door nog verder op te stoten terwijl de zwarte tegenaanval er
niet meer uitkomt. De eindstand werd daarmee een duidelijke 11-5. Een
verdiende overwinning voor de Brabanders.

Diplomaregen bij DCH

Afgelopen donderdag zijn er opnieuw drie jeugdleden geslaagd.

Asra en Daniël wisten ruimschoots voldoende te scoren voor het diploma WIT
bij niveau 2 en Gwen voldeed ruimschoots aan de criteria om het diploma WIT
bij niveau 3 in ontvangst te nemen.

Bij afloop zijn de diploma’s uitgereikt door Jan Hendrik Kok en Bert Foppen
waarbij ze veel succes werden gewenst voor het vervolg van deze niveau’s.


Een flinke comeback na de weg kwijt te zijn geweest

De eerste van november was de laatste dag van het WjK van 2025. Het WjK Blitz verliep vrij chaotisch. Er is keurig een tijdschema opgesteld, waarin precies staat aangegeven op welk tijdstip welke wedstrijdronde van start zou gaan. In theorie kan er dan weinig verwarring ontstaan en weten de spelers exact hoelaat ze waar moeten verschijnen. Wanneer het schema niet wordt gevolgd, werkt dit in de praktijk net even iets anders. De coaches van de verschillende categorieën binnen het Nederlandse team hielden voor de spelers in de gaten wanneer zij moesten spelen.

In de groepsapp van TeamNL kwamen berichtjes voorbij in de trant van: “De speelzaal voor de welpen is nu geopend.” en “Ronde 3 voor de pupillen gaat nu beginnen.”. Prima oplossing… als je een stabiele, betrouwbare internetverbinding hebt tenminste. Ook voor de mensen die het toernooi vanuit Nederland probeerden te volgen, kwam het vergaren van de uitslagen met de nodige uitdagingen. De website van de FMJD werd niet geüpdatet. Ronde 5 ging al beginnen en de enige informatie die online te vinden was, was de loting voor ronde 1. Je kon alleen maar hopen dat degene met wie je contact had in Antalya ergens in de buurt een wifisignaal kon ontdekken om het thuisfront te informeren.

De zwerfkatten in het hotel maken zich niet druk over internetproblemen

Gwen had een slechte start van het toernooi. Het liep voor geen meter en dat ging de DCH-speelster niet in de koude kleren zitten. De eerste partij verloor ze van Marika Garcanz. Dat is niet leuk, maar dat kan gebeuren. De tweede ronde kwam ze in de problemen tegen Hsiang-Yun Tseng en deze partij eindigde in remise. Ronde 3 ging ze onderuit tegen landgenote Lotte Potgieter en in haar vierde partij verloor ze van Chantal van Santen, een andere Nederlandse. Gwen zat erdoorheen, ze kon haar frustratie en verdriet niet langer binnenhouden. Ze wist echt wel dat ze geen wereldkampioen zou worden, maar slechts één puntje hebben verzameld als het toernooi al bijna halverwege is, dat is niet des Gwens.

Op de een of andere manier wist Gwen haar frustratie om te zetten in kracht. Ronde 5 scoorde ze 2 punten tegen Katrina Liana Trubko. Omdat ze ondanks deze overwinning alsnog onder in het klassement hing, lootte ze in de zesde ronde de Dummy. In deze vrije ronde herpakte ze zichzelf volledig. Austeja Daujotaite werd geen punt gegund en Ramona Serpane, de Letse die het Gwen op voorgaande EjK’s en WjK’s onmogelijk maakte, kreeg maar één puntje in plaats van de gebruikelijke twee. In de laatste speelronde speelde Gwen een keurige remise tegen Kamile Matijoskaite. Door deze waanzinnige eindsprint presteerde Gwen het om zich van 1 punt na ronde 4 naar 9 punten uit negen ronden te knokken. Ze eindigde hiermee op de 16de plaats in het eindklassement.


Allemaal in het oranje

Het toernooi zit erop en de spelers kunnen alle spanning nu van zich af laten glijden. In de avond is Gwen met een groep van 24 Nederlanders te voet naar een kebabzaak gegaan. Na 3,6 kilometer te hebben gewandeld, hebben de spelers en begeleiders heerlijk gegeten. Toen Gwen met een goedgevulde buik 3,6 kilometer terug naar het hotel was gelopen, was het tijd om naar bed te gaan. Morgen gaat TeamNL naar Land of Legends. Dit is een pretpark inclusief een zwemparadijs met maar liefst 49(!) glijbanen. Waterpret gegarandeerd en een prachtige afsluiting voor alle deelnemers van weer een prachtig avontuur.


Ja, Gwen staat ook op deze foto 🙂

Zeven punten en een 21ste plaats in het eindklassement

Vandaag werd het WjK Rapid er in één dag doorheen gejaagd. De eerste ronde ging om 09:30 uur van start en de laatste van de in totaal negen speelronden begon om 18:30 uur. Tussen de vierde en vijfde ronde werd de spelers een uurtje pauze gegund om een hapje te eten, maar buiten deze onderbreking was er weinig ruimte voor ontspanning. De concentratie voor zo’n lange periode vasthouden brengt de nodige uitdagingen met zich mee.


De Nederlandse pupillen plus de door het team ‘geadopteerde’ Belgische Aurelia

De eerste wedstrijd speelde Gwen tegen Gankhuu Batbold uit Mongolië en deze partij eindigde in een nederlaag. Bij Rapid moet het speeltempo flink worden opgeschroefd ten opzichte van Classic, maar Gwen ging sneller dan nodig was en pakte geen punt. De tweede ronde tegen Emma Chang Jensen pakte ze vrij eenvoudig de zege, maar de volgende pot tegen Marika Gancarz moest Gwen het bord zonder punten verlaten. De wedstrijd voor de lunchpauze tegen Clara Damari, die zij in het klassieke toernooi ook trof, eindigde wederom in remise. De Ermelose ging met drie punten de pauze in en in ronde 5 mocht ze tegen teamgenoot Chantal van Santen spelen. Deze wedstrijd leverde beide dames een punt op en ook in ronde 6 trof Gwen een landgenote. Viviënne Meijer en Gwen waren aan elkaar gewaagd en verdeelden de punten eerlijk.

In de zevende ronde tegen de Letse Katrina Liana Trubko scoorde Gwen 2 punten. Tot zover ging het zo slecht nog niet. Het ging zeker niet vanzelf, maar 7 punten uit zeven wedstrijden is prima. De voorlaatste ronde tegen Aurelia Schalley ging het mis. Gwen had het net iets té gezellig gehad voor en tijdens deze wedstrijd en dit werkte door in haar partij. Het lukte haar niet om haar focus op tijd terug te vinden en verloor. Gwen besefte maar al te goed dat dit niets te maken had met een tegenstander die uitzonderlijk goed speelde (niets ten nadele van Schalley, zij kan echt wel dammen!). Dit pijnlijke verlies had ze uitsluitend aan zichzelf te wijten. Gwen was teleurgesteld in zichzelf, in het feit dat ze zich te veel had laten meeslepen met de gezelligheid op het moment dat ze serieus en geconcentreerd had moeten zijn. Deze klap kwam ze niet meer te boven. De negende pot tegen Austeja Daujotaite ging ze opnieuw hard onderuit, waardoor ze met slechts 7 punten genoegen zal moeten nemen met een 21ste plaats in het eindklassement.


Chantal versus Gwen

Het verdelen van energie is iets waar bij de allerjongsten al aandacht aan wordt besteed. Het zijn lange dagen en je kunt nu eenmaal niet dammen én laat opblijven én eindeloos rondrennen enzovoorts. Er moeten keuzes worden gemaakt en gaandeweg leert de jeugd hoe zij dammen, andere bezigheden, rust en slaap in hun schema kunnen passen zodat ze het maximale uit zichzelf kunnen halen. Het is een leerproces.

Hetzelfde zou je kunnen stellen als het op plezier aankomt. Natuurlijk mag je lol hebben op een toernooi. Dat is heel belangrijk zelfs, maar tijdens de wedstrijd hoor je gefocust en serieus te zijn. Gwen heeft op een harde manier ontdekt dat ginnegappen en geinen tussen wedstrijden door op een toernooi, waar nauwelijks tijd is tussen twee wedstrijden in, voor haar geen goed idee is. Laat het een wijze les voor haar zijn en laat haar al haar grappen, grollen en gekkigheden voortaan bewaren voor na de laatste wedstrijd van de dag.

Morgen gaat het tempo nog een stukje verder omhoog. Het blitztoernooi begint zaterdag om 09:30 uur. Elk halfuur zal een nieuwe ronde starten tot alle negen ronden zijn gespeeld. Om 13:30 uur start de laatste wedstrijdronde. Er zijn 25 meiden die meespelen in de categorie pupillen. Gwen zal haar eerste partij van het WjK Blitz tegen Marika Gancarz spelen.

Gemengde gevoelens en een partij om in te lijsten

De ochtend van 30 oktober speelden de deelnemers van het WjK van 2025 hun laatste wedstrijd van het klassieke toernooi. Voor sommige meiden uit de andere leeftijdscategorieën stond er veel op het spel. Zo zou Fleur wereldkampioen kunnen worden en Yulia zou met een gunstige uitslag een plaats op het erepodium kunnen veroveren. Voor Gwen is het doel van haar deelname aan dit toernooi nooit geweest om in de top drie te eindigen. Hoewel dit natuurlijk fantastisch zou zijn, moeten we ook realistisch blijven en erkennen dat het podium op dit moment nog buiten haar bereik is. Door ervaring op te doen en te leren van de foutjes die zij op dit moment nog maakt, kan dit in de toekomst wellicht veranderen. Wie zal het zeggen.


Nog even een paar bemoedigende woorden voor de wedstrijd

Gwen speelde deze ochtend tegen de Italiaanse Clara Damari. De pupil uit Ermelo wist een punt te pakken tegen haar opponente. Aan de ene kant was het mooi dat ze een punt scoorde, maar toch was Gwen niet blij. “Ik had kunnen winnen!”, zo klonk een Gwen met gemengde gevoelens. Tijdens de analyse stelde een coach die glunderde van trots dat dit een fantastische partij was. Eentje om in te lijsten! En ja, Gwen had inderdaad kunnen winnen, maar voor Ester was Gwens bizar goede spel in de beginfase van de wedstrijd belangrijker dan het feit dat ze een puntje liet liggen. De coach heeft met deze partij een glimp opgevangen van het talent waarvan ze allang weet dat Gwen het in zich heeft. Door veel wedstrijden te spelen en te leren is het de bedoeling om steeds vaker de ijzersterke Gwen die in de beginfase van de pot tegen Clara verscheen tevoorschijn te laten komen.

Met 9 punten uit negen speelronden is Gwen op de 18de plaats van het klassement geëindigd. Fleur speelde haar laatste pot remise, waardoor ze tweede is geworden in de categorie Junioren Algemeen. Ook Yulia liet een punt liggen in haar negende wedstrijd en eindigde met een vierde positie helaas buiten het podium.


Clara tegen Gwen

Het klassieke toernooi is gespeeld en de spelers hadden de middag tijd om te ontspannen, maar ook om zich voor te bereiden op het WjK Rapid, dat morgenochtend zal beginnen. Het is een flinke omschakeling om van T80 + 1” naar T15 + 5” te gaan. Nadat Gwen met teamgenoot Viviënne het dambord tijdelijk had ingeruild voor een tafeltennistafel en de schijven had verwisseld voor pingpongballen speelden de spelers van het Nederlandse team partijtjes van T1 + 5” tegen elkaar om aan het nieuwe tempo te wennen. Na het avondeten was de prijsuitreiking van het WjK Classic en kort daarna ging de speelster van DCH naar bed. Morgen wordt immers een zware dag.


Sneldammen is een andere tak van sport

Naast goed eten en drinken en voldoende slapen, doet Gwen sinds vandaag ook flink aan lichaamsbeweging. Elke keer dat ze van haar kamer naar de speelzaal gaat en van de speelzaal terug naar haar kamer, loopt ze 65 traptreden. Voor een mooi uitzicht vanaf het dakterras moeten er nog veel meer treden worden beklommen. Op de een of andere manier gaat haar voorkeur opeens uit naar de trap en niet naar het gemak van de lift…


Eindklassement WjK Classic G13

Overwinning met vallen en opstaan

In het fraaie denksportcentrum van Lent speelde Ons Eerste de derde
competitiewedstrijd. Met een 10-6 overwinning nestelde het zich
bovendien meteen als medekoploper bovenaan het klassement in de Eerste
Klasse B.

Een interessante en principiële partij vanuit het randspel ontwikkelde
zich in de partij tussen Jan Hendrik Kok en Eep van Manen. In deze
opening is het altijd de vraag hoe wit uiteindelijk zijn korte vleugel
in het spel gaat brengen. Op de twintigste zet hielp zwartspeler Eep van
Manen een handje en kon Jan Hendrik rustig en voordeling een 2-om-2
nemen.
Toch had zwart de zaakjes verdedigend en qua formaties aardig voor
elkaar. Op de 25e zet deed wit 42-37 omdat op direct opstoten [27-22×22]
direct de ruil (13-18), 22×13 (9×18) volgt. Vanaf zet 25 was goede raad
duur. Jan Hendrik investeerde veel tijd in het plan met 34-29 en 28-22.
De doorstoot daarna, met 22-17, is volgens de computer te vroeg. De
zwarte reactie (direct afruilen met 7-12) was niet ambitieus maar kon
prima. 7-11 had ook gekund, met vele avontuurlijke varianten na
27-22×22. Zwart mag er dan niet tussen met 16-21? maar kan met 3-8 oor
eigen kansen gaan. In de partij geloofde Jan Hendrik het wel en bood met
het oog op de klok remise aan.
[Over hoe gecompliceerd en verrassend het kan lopen, zie de fraaie
winstvariant voor wit: 41.27-22 xx 6-11 36-31 23-28 33-29!! 28×17
29×20.]

So far so good, maar het werd nog beter. Na een komisch begin – met een
flitsende afwikkeling in de vorm van een grote ruil – stond Jan Willem
Hoeve met zwart op de 25e zet perspectiefrijk tegen Rob Everts. De
zwarte schijven op de lange vleugel kwamen mooi in het spel. 36.7-11 was
een hele beslissing, maar het pakte goed uit. Na 37.21-16? liet zwart
natuurlijk slaan en kon hij op weg naar de belangrijke strategische
velden. Een grote fout volgde [41.38-33?] waarbij wit zijn eigen
schijven vastzet en eigenlijk kansloos verliest.
In de analyse laat Jan Hendrik enkele mooie varianten zien waarmee hij
aantoont dat wit 41.48-42 kan spelen. Maar het luistert wel nauw, zoals
in de computervariant: 41.48-42 11-17 42.39-34 [42.24-29 ziet er link
uit, dus maar liever verhinderen?] 17-21 en dan moet wit 43.42-37 durven
te spelen. Geen pretje, maar het kan.

Spannend klassiek was het lange tijd tussen Kees de Jong en Jan Jacobs.
Kees speelde mooi getimed 28.27-22 en na de ruil kon hij zijn stand goed
door-ontwikkelen. Zwart moest bovendien een lastige keuze maken. Op de
31e zet speelde hij 8-13 met het idee om later toch nog te kunnen ruilen
met 14-20×20. (Dat zou na 31.9-13 immers niet meer kunnen.) De witte
stand ziet er makkelijk speelbaar uit. In plaats van 37.48-43 had wit
ook kunnen kiezen voor de opmars 37.45-40-34 [met fraaie
vastloopvarianten als mogelijkheid]. In de partij bevrijdde zwart zich,
maar liet wit later met 33-28 te sterk op het centrum komen na de slappe
41e zet (30-35?). Het is mooi om te zien hoe Kees de partij met vaste
hand naar zich toetrekt, in een vervolg met gedwongen spel voor zwart.
Fraai!

Het liep niet allemaal op rolletje voor Ons Eerste. Joras Ferwerda
speelde een spannende partij tegen Marco van Bronswijk waarbij wit op de
30e zet uitzicht had op duurzaam voordeel, met een mooie centrale
centrumstand. Met veel lef speelde hij bovendien 41.35-30. Dat gaf ook
Joras weer kansen die op zijn beurt met 42.16-21 de complicaties
(terecht) opzocht. Zwart had zijn strategie een goed vervolg kunnen
geven met 44.13-18. In de partij durfde wit 45.29-23 niet aan, maar ging
er op de 50e zet wel vol voor met 29-24. 52.3-8 is een onvoorzichtige
zet die in de partij snel verloor (zwart had nog kunnen plakken met
53.27-31. Nog beter was echter geweest 52.9-14. De witte keuze is dan
beperkt, waarbij het verrassend is dat na 29-23 (27-32!) 24-20? niet mag
vanwege meerslag.

In zijn partij tegen Peter Moraal speelde Egbert van Hattem met zwart om
het witte veld op 29 heen, wat lange tijd goed ging. Een cruciaal moment
was 19.16-21 waarmee wit de mogelijkheid kreeg om het aanvalsveld 24 te
bezetten en zich van de druk te ontdoen. Beter en consequenter was
19.14-20 geweest met de mogelijkheid om alsnog een hekstelling in te
nemen zodra wit op 33 gaat staan. Egbert speelde het op zich best goede
21.18-23 en keek op de zetten 22, 23 en 24 naar het tijdelijke offer
23-28 en dan 14-20. Dat wat sowieso het idee, maar hij zag er van af
omdat wat hij kon bekijken hem toch tegenviel. Misschien had zwart beter
vroeger de voorpost op 24 er af kunnen ruilen, maar de stellingen bleven
aardig in evenwicht. Wel had zwart er beter aan gedaan om 39.15-20 te
spelen, om na 34-29 terug te ruilen. In de partij kwam wit weer – en nu
met veel kracht – op 24 te staan. Na het onhandige 42.2-7 werd de druk
op de zwarte stelling steeds groter. Zwart bleef echter in de wedstrijd
door de zetten te spelen die net nog konden. Hij mocht van geluk spreken
dat het niet alsnog mis ging. Een leuke remisekans was geweest 50.17-21
met na 51.32-28 de geinige finesse 15-20 en 18-23. Maar te opgelucht dat
wit terug had geruild, speelde zwart te snel 53.18-23? waar 18-22 wel
een benauwde remise oplevert. Met 54.36-31 had wit kunnen profiteren.
Het gaat zwart dan teveel materiaal kosten om nog door te breken.

Auke Steensma liet fraai aanvallend spel zien tegen Jos Helmink. Diens
schijf op 23 kwam in een Roozenburg-achtige stand onder druk. Omdat het
lastig rond te krijgen was, koos Auke met 19.27-22 voor een decentrale
zwarte stand om tegen te spelen via het centrum. Wit bleef geduldig
centraal spelen en bouwde zijn voordeel gestaag uit, hoewel zwart in
46.13-19 een sterk alternatief had gehad. Maar daar waren
grootmeester-ogen voor nodig geweest, alleen al om te zien dat de
reactie 47.28-22? van wit niet mag door de spetterende dam op 50 via
24-30! en 12-17! De beslissende fout lijkt 54.19-24 te zijn. Een lastig
te vinden remise is: 54.12-17 (maar dan moet zwart na 44-39 eerst 16-21
en dan pas 19-24! spelen. In de partij won wit fraai.

Een wonderlijke winst was er voor Ruurd Wuestman tegen Joop Geurts. De
partij kende een zeer spannend verloop waarbij zwart inzette op een
flankcentrum aanval en wit omsingelde waarbij hij ook veld 15 wist te
bereiken. Na het ongelukkige 32.2-7 combineerde wit naar dam. 32.14-19
en ook 32.23-28 lijken goede alternatieven, met in allebei de gevallen
zeer spannend spel. Wit wachtte veel te lang met damhalen en het was
juist zwart die in een prachtig eindspel de winst naar zich toe kon
trekken. Met recht een vorm van magie, die bovendien zeer belangrijk was
voor de einduitslag.

Ton Eekelschot en Gert van Willigen speelden lange tijd een partij die
in evenwicht was. Beide spelers hadden hun issues: wit kon lastig zijn
lange vleugel ontwikkelen, zwart had een zwakke randschijf. De zet
34.39-34 was ietwat decentraal. Zwart profiteerde door in het centrum
door te stoten. Wit vond een goede weg en zwart ging terug. Maar alsnog
ging het witte probleemblokje op rechts zwaar wegen. Met veel vechtlust
kwam Ton toch door de zwarte barrière heen richting dam. De remise leek
binnen handbereik, maar op de 68e zet nekte de tijdnood hem alsnog. Wit
deed 28-50? waarna (4-22!), 50×30 (25×34) met motiefwinst volgde.
(68.28-23 wordt bij goed spel remise.) Daarmee werd de eindstand bepaald
op 6-10.

Een Dutch damdipje, maar niet voor iedereen

Vandaag was de voorlaatste dag van het klassieke toernooi, waarop de spelers tweemaal achter het dambord mochten plaatsnemen. Voordat er gedamd werd, heeft Gwen eerst gedoucht en ontbeten en was er de dagelijkse teambespreking. De Nederlanders gaan niet al te best. Waar normaliter tijdens de ochtendbijeenkomst wordt verteld hoe Nederland ervoor staat in het landenklassement, wordt deze informatie nu achterwege gelaten. Niet élke Nederlander heeft last van de damdip die zich in het Nederlandse kamp verspreidt. Fleur Kruysmulder, die dit jaar niet meedoet bij de meiden maar zich met de jongens in de categorie junioren (tot 19 jaar) besloot te meten, staat met nog één partij te gaan eerste in het tussenklassement. Wat een prachtige prestatie! Ook Yulia Bintsarovska is lekker bezig. Zij probeert dit jaar hoog te eindigen bij de jongens in de categorie Aspiranten (tot 16 jaar). Yulia staat na ronde 8 vierde in het tussenklassement. Als het haar morgen lukt om haar laatste wedstrijd te winnen, zou ze zomaar eens op het podium kunnen eindigen. Klasse!


Het uitzicht is zo slecht nog niet

Zoals eerder benoemd mocht Gwen haar eerste wedstrijd van vandaag spelen tegen de Letse Anna Lebedinska. Deze partij eindigde in remise en het opnieuw scoren van een punt overtuigde Gwen ervan dat ze echt nog wel weet hoe ze een fatsoenlijke dampartij moet neerzetten.


Wifi? Waar ben je???

Tussen speelronde zeven en speelronde acht werd er geluncht en wanhopig gezocht naar een streepje wifi op de gang van het hotel. Gelukkig werd dit gevonden en daardoor heb ik nog even contact kunnen hebben met de pupil uit Ermelo. Ter ontspanning speelde ook nog een potje solitaire.


Solitaire… Met damkaarten, dat dan weer wel

Om 15:30 uur mocht Gwen haar tweede wedstrijd van de dag spelen tegen Lorayne Louisa uit Curaçao. Aan Gwens uitstraling is duidelijk te zien dat ze het geloof in zichzelf heeft teruggevonden, maar ook dat ze er weer zin in heeft. Op de foto zie ik een vrolijke meid die het leuk vindt om een dampartij te spelen. Het resultaat van de wedstrijd mocht er ook zijn. De Nederlandse wint en pakt met deze overwinning en de remise van deze ochtend drie punten.


Gwen en Lorayne

Toen de dames klaar waren met hun wedstrijden, werd er door Yulia, Lotte, Chantal, Mattanja en Gwen een kaartje gelegd. Daarna heeft Yulia samen met Gwen nog even een van haar wedstrijden doorlopen en hebben de vijf dames samen gegeten. Het is mooi om te zien hoe de meiden binnen TeamNL met elkaar omgaan. Het maakt niet uit of je junior, aspirant, pupil of welp bent, iedereen hoort erbij en trekt met elkaar op.

Morgen staat de negende en tevens laatste ronde van het eerste toernooi van het WjK van 2025 op het programma. Gwen zal om 09:30 uur spelen tegen de Italiaanse Clara Damari. Vrijdag 31 oktober zal het eendaagse WjK Rapid worden gespeeld en de dag erna zal het WjK Blitz worden gehouden. Het laatstgenoemde toernooi zal eveneens in één dag worden afgerond.

Onnodig puntverlies tegen Wapenveld

De wedstrijd tegen Ons Genoegen uit Wapenveld was de eerste in ons nieuwe onderkomen bij postduivenvereniging De Toekomst. Voor ons Eerste verliep de eerste kennismaking bepaald stroef. Tegen de verwachting in werd een punt verlies geïncasseerd tegen een tegenstander die niet in de sterkste opstelling kon starten.Het begon desalniettemin volgens plan. Ton Eekelschot kwam tot winst tegen een fris aanvallende Geert Jan Smit die alle belangrijke velden in bezit nam. Maar met wit liet Ton zich niet van de wijs brengen. Toen zwart al te driest ook nog oprukte met 24.28-23 zocht Ton de combinatieve zwaktes van de zwarte stelling op met de krachtzetten: 19.40-34 en 20.45-40. De zwartspeler raakte inderdaad van streek door alle dreigingen en tussenloop mogelijkheden, en leverde de blunder 25.11-17? af waar ook 12-18? en 13-18? al verhinderd waren. Wit sloeg genadeloos toe. Zwart had in 25.13-19 nog wel degelijk een goede zet gehad. Maar dan had hij (zoals Geert Jan in Toernooibase zelf aangaf) wel moeten zien dat hij na het zetje naar 14 heel koeltjes een twee-om-twee had kunnen nemen. 25.12-17 is ook een taaie zet, maar dan had wit in ieder geval groot voordeel afgedwongen met: de combinatie-zetten 37-32, 34-29 en 33-28. Analyse moet uitwijzen of dit in alle gevallen strak wint. Het geeft in ieder geval wel aan dat zwart al in grote problemen zat door het goede spel van Ton.

De eerste tegenvaller was het verrassende verlies van Kees de Jong tegen Albert Lusink. Dat gebeurde in een partij die zich lang gelijkwaardig volgens klassieke structuren ontwikkelde. Op de 20e zet speelde zwart 17-22×22, op zoek naar andere spelbeelden. Hier had ook goed 17-21 gekund. Op de 35e zet zette Kees met zwart een al even ‘klassieke’ Coup Springer open. Het had een fraaie lokzet kunnen zijn als zwart op de 40e
zet koelbloedig met 24-29 had geantwoord (en had gewonnen). Maar na 8-13 was het juist wit die het beste spel en uiteindelijk de winst naar zich toetrok.

Ruurd Wuestman verslikte zich strategisch in zijn partij tegen Erik Bakker. De zwartspeler slaagde erin zich onder de lichte druk van Ruurd uit te spelen en leidde het spel in klassieke banen. Bovendien hielp wit de zwartspeler met een aantal minder gelukkig gekozen zetten. Hij verzwakte daarmee eigenhandig zijn korte vleugel. 27.42-38 lijkt al beter dan 43-38, en met 31.40-35 geeft wit zwart een belangrijk houvast om vaart te gaan maken op die bordhelft. Na het opspelen van 49 naar 43
blijft wit met een vrijwel lege korte vleugel zitten, en zeker na 35.34-29? begint de zwarte stand te lopen. Om aan de druk te ontsnappen combineerde wit naar dam, ten koste van twee schijven. Maar ook zwart had vrije doorloop en wist zijn materiële overmacht in het vervolg knap te verzilveren.

Zwaar op achterstand moesten de winstpunten wel ergens vandaan komen. Dat ze niet van Jaap van de Werfhorst zouden komen, was toen al duidelijk. Hij maakte op de 18e zet een blunder met een onvoorzichtige bezetting van het centrum met 33-28. Zwartspeler Geurt Souman won een schijf en speelde in het vervolg eerst degelijk en later met een stevige bezetting van het voorpostveld 27 puik naar winst toe.

Ook Egbert van Hattem slaagde er niet in om tot winst te komen tegen de 83-jarige Paul Borreman die de gehele partij geconcentreerd bleef spelen. In de klassieke opening kwam zwart minder te staan met de lelijk achtergebleven schijf op 5. Hij had hoe dan ook 15.12-17 en dan 17-22 en 24-29 moeten spelen, met lichte druk op wits lange vleugel + voldoende vrijheid van handelen. Een moeilijke keuze had zwart op de 17e zet waar Egbert lang over nadacht. De computer geeft duidelijk de voorkeur aan 8-12 in plaats van het gespeelde 17-22.
Toch bleef de zwartspeler zoeken naar mogelijkheden. Na 21.11-17 nam wit direct de drie-om-drie ruil, zoals Egbert had gehoopt. Daarna ging wit echter niet verder met 25.36-31? Dan zou sterk en verrassend 25.23-29 met dam of schijfwinst zijn gevolgd. Maar wit bleef rustig ‘slimme zetjes’ (zoals hij het zelf noemde) spelen, ook toen zwart sterk kwam opzetten richting centrum. 48.27-21 was passief, maar zwart kon niet beslissend profiteren. Borreman verraste de zwartspeler met het koelbloedige 52.38-33 en na 23-29 speelde hij uiteraard niet het
gevaarlijke 53.42-38 maar plakte de routinier – ‘ik dam al 70 jaar’
zoals hij na afloop zei – ruim voldoende naar een welverdiende remise.

Gelukkig kwamen de punten er toch nog, door gestroomlijnd spel van Jan Hendrik Kok en onze eigen routinier Auke Steensma. Tegen John Kroon zette Jan Hendrik een solide flankcentrum aanval op het bord. Na zwarts 21e zet (11-16? waar 18-22 stukken steviger was geweest) trok wit het voordeel duidelijk naar zich toe. Mooi gespeeld was de zet 22.38-32 met
na de ruil het verrassende en stijlvolle 24.31-26! waarna schijf 11 van zwart er niet goed op staat. Terecht ging zwart daar direct mee aan de slag. Hij moest daarbij oppassen voor 26.18-22? Dan volgt 24-19 en na het slaan 33-28! wat zwart op schijfverlies komt te staan. Leerzaam om te zien hoe wit de aanval verder uitbouwde (met 34-30 en 30-25), wat zeker geen rechttoe rechtaan kwestie is. Zwart kwam er niet meer echt uit en moest toezien hoe wit zich ijzersterk op 20 en 15 vestigde. Zwart wist de doorloop nog lang creatief te verhinderen maar kon dat niet
blijven volhouden. Zwart gaf terecht op tijd op. Jan Hendrik had het goed berekend: na 53.18-23 komt 10-4 (13-19), 24×13 (23-28), 32×23 (21×32), 4-15! met niet te pareren dreigingen.

Auke Steensma speelde een technisch hoogstaande partij tegen Alie Beekman-van Duinen. In de klassieke stand rond de 25e zet stond zwart al net iets flexibeler, en moest wit kiezen om de structuren te handhaven of er uit te breken. In aanmerking daarvoor kwam 28.39-34, en zwart moet kiezen hoe hij precies wil voortzetten. Toch lijkt zwart dan na het logische vervolg: 39-34 (7-12) 34-30 (20-25) 40-34 (6-11 of 9-14) 37-31 (26×37) 42×31 en later 34-29 prima te staan, met eventueel aanval op wits korte vleugel. In de partij speelde wit 39-34 slim op de 32e zet. Zwart mag de 1-om-2 niet nemen wegens dam na. Maar dan had Alie op de 36e zet wel alsnog naar vrijheid moeten breken met 27-21 (en dan dubbel slaan). Op dat moment was 27-22×22 ook al erg gevaarlijk: na 11-17×17, 36-31 en 17-21 raken de witte zetten ook snel op. Zwart houdt controle en is op tijd op 25. In de partij ontstonden na 36.31-26 onoverkomelijke problemen voor witspeler Beekman. Met goed gevoel voor de stand speelde Auke de tempi gewoon uit (mooi op tijd op veld 25, en geen last van het offer van Dussaut!). Zwart had het laatste tempo (6-11) en won stijlvol.

De Harderwijkers hadden zelfs de overwinning nog in het vizier, maar zover kwam het (enigszins terecht) niet. Jan Willem Hoeve speelde strategisch mooi tegen het centrum van Harry Beekman die moeite had zijn lange vleugel netjes te ontwikkelen. Zwart nestelde zich uiteindelijk op 27 terwijl wit niet langer kon beschikken over veld 49 (waardoor ruilen van de voorpost zo goed als onmogelijk is). Zwart speelde fraai: 32.19-24 en dreigt met 24-29. Wit kan damhalen via 36-31, 26-21, 47-41 en 38-32. Maar die gaat er meteen af na 2-8! Wit liet zich niet van de
wijs brengen en speelde 34-29 waarna zwart dubbel ruilde. Een andere goede optie was nog geweest (10-15), 29×20 (15×24). Nu dreigt weer 24-29 dus 39-34 (24-29), 33×24 (22×42), 48×37. En zwart kan heel constructief verder met (17-22, 14-19) of ook meteen (14-19). In de partij verwaterde het zwarte voordeel, en met een slim schijnoffertje en later een echt offer haalde Beekman de remise overtuigend binnen, en daarmee de eindstand: 8-8.